De regelgeving van de angst

Sommigen menen dat de burger zich alleen netjes gedraagt als hij/zij met juridische hel en verdoemenis wordt bedreigd. Zo las ik enige tijd geleden in een marketinguiting van een opleider van compliance officers een Engelstalige tekst in de geest van:

Signalen dat u ontslagen gaat worden
De verbazingwekkende geschiedenis van een voormalige compliance medewerker

Dit is illustratief voor wat er aan de hand is.

De Nederlandse regelgeving bevat steeds meer dreiging met boetes, beroepsverboden en andere sancties. Daarbij komt niet alleen de organisatie of het statutaire bestuur, maar ook de gewone werknemer in beeld [1]. Kennelijk leeft de gedachte bij de wetgever dat regels alleen indruk maken als ook werknemers risico lopen.

Soms werken draconische sancties. Verkeersovertredingen begaan wordt minder interessant als de pakkans groot is en het de overtreder veel geld kost. In het algemeen is het niet zo moeilijk om te weten waar je je in het verkeer aan moet houden.

Compliance

Straffen en sancties worden niet alleen gekoppeld aan verplichtingen die klip en klaar – althans redelijk duidelijk – zijn. Ook allerlei vage bureaucratische verplichtingen (‘complianceverplichtingen’) kunnen door de overheid gesanctioneerd worden. Of die sancties uit het strafrecht of het bestuursrecht komen, maakt voor de gesanctioneerde burger niet uit.
Kenmerk van die complianceverplichtingen is dat je moet bewijzen dat je je burgerplicht hebt gedaan (bijvoorbeeld door criminaliteit te voorkomen of te bestrijden). Dat gebeurt door het ‘vastleggen’ van allerlei feiten, onder meer welke maatregelen je hebt genomen en welke registers je hebt gecheckt. De veronderstelling van de wetgever is dat als je iets niet hebt opgeschreven, het ook niet is gebeurd.

Dubbele pet | regels bedenken – toezicht houden – sancties opleggen

Lastig is dat in het bestuursrecht degene die de sanctie oplegt, dezelfde is als degene die de regels bedenkt en het toezicht houdt. De onafhankelijke rechter komt er pas bij als er bezwaar wordt gemaakt en dat durven velen niet aan, omdat ze bang zijn voor de relatie met de toezichthouder. Dat is anders in het strafrecht, waar de aanklager de zaak aan de onafhankelijke rechter voorlegt.

Neveneffecten

De dreiging met zware sancties, ook voor medewerkers, kan tot gevolg hebben dat organisaties en medewerkers over-voorzichtig worden, met allerlei vervelende neveneffecten, die kunnen lopen van extra kosten, gemis aan creativiteit tot aan discriminatie en nog veel meer.

Als ik de verhalen over bestrijding van criminaliteit door middel van bureaucratische verplichtingen lees, vraag ik me steeds af op welke bestuurskundige concepten en wetenschappelijke onderzoeken al die verplichtingen zijn gebaseerd. Ook in de recente consultatie over de Wet toezicht trustkantoren 2018, waaraan ik recent heb meegedaan, heb ik daar vragen over gesteld.

Ik ben benieuwd of ik dat antwoord nog een keer ga krijgen.

[1] Zie over Ameriaanse ontwikkelingen het artikel “Amerikaanse praktijken bij handhaving white-collar crime: het vizier op de manager” door R.F.J. ten Ham en J.T.C. Leliveld in Tijdschrift voor Sanctierecht & Onderneming, 15 maart 2016.

Over Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Verbonden aan Pellicaan Advocaten, http://www.pellicaan.nl/, kantoor Capelle aan den IJssel (Rotterdam), telefoon 088-6272287, fax 088-6272280, e-mail ellen.timmer@pellicaan.nl ||| Weblogs: algemeen: https://ellentimmer.wordpress.com/ ||| modernisering ondernemingsrecht: http://flexbv.wordpress.com/
Dit bericht werd geplaatst in Bestuurlijke sancties, Strafrecht en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s