Referendabiliteitsbesluit

Vorige week heb ik een nieuw fenomeen ontdekt: het referendabiliteitsbesluit. Ik had er nog nooit van gehoord, tot ik op zoek ging naar het besluit tot inwerkingtreding van de wet inzake deponering van bescheiden in het handelsregister langs elektronische weg (‘Wet elektronisch deponeren’). Dat besluit vond ik niet. Wel vond ik het referendabiliteitsbesluit inzake deze wet. In het besluit schrijft de minister van BZK dat een referendum over deze wet mogelijk is. Iedere kiesgerechtigde kan een verzoek tot het houden van een referendum indienen binnen vier weken na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het referendabiliteitsbesluit is geplaatst. Voor de Wet elektronisch deponeren is die termijn inmiddels voorbij; ik heb er niets over gelezen dus neem aan dat er geen referendum wordt gehouden; gelukkig maar.

Dit fenomeen is gebaseerd op een nieuwe wet, de Wet raadgevend referendum, die op 1 juli 2015 in werking is getreden. De wet leidt tot een bombardement van referendabiliteitsbesluiten, met name in perioden waarin veel wetten worden aangenomen. In december 2015 zijn er een zeer groot aantal van dergelijke besluiten in de Staatscourant gepubliceerd.

Bij het lezen van de wet en het bezien van al die referendabiliteitsbesluiten bekruipt mij de vraag waar dit allemaal goed voor is. En met name wie al deze bezighouderij gaat betalen, respectievelijk welke vrijwilligers de stembureaus gaan bezetten en andere werkzaamheden gaan verrichten. Natuurlijk, er zijn ten minste 10.000 verzoeken nodig vóór het referendum daadwerkelijk wordt gehouden. Die drempel is niet hoog als het gaat om onderwerpen waar een grote groep mensen belang bij heeft. Actievoerders zullen er blij mee zijn want het is een mooi actiemiddel om onwelgevallige wetten onder de aandacht van de media en het publiek te brengen.

Als er voldoende verzoeken zijn, wordt de referendummachinerie in werking gesteld, met een rol voor kieskringen en stembureaus. Voor zover ik weet worden stembureaus bij gewone verkiezingen bemand met vrijwilligers. Zijn die vrijwilligers ook bereid om actief te worden voor een referendum?

Wijziging van de wet

Ik stel voor dat de Wet raadgevend referendum wordt aangevuld met een nieuwe bepaling waarin wij als burger bezwaar mogen maken tegen een aangevraagd referendum, met als regel dat als er meer dan 10.000 personen bezwaar hebben gemaakt tegen een referendum, het referendum niet doorgaat. Uiteraard moet de aanvraag voor zo’n referendum goed worden bekend gemaakt. Ik zal met genoegen bezwaar maken bij de voorzitter van het centraal stembureau tegen een referendumaanvraag, als ik het referendum onzinnig vind. Mij lijkt een dergelijke bezwaarmogelijkheid passend om onnodige referenda te voorkomen.

Een andere wetgevende tip: houdt alle referendums één keer per jaar op dezelfde dag.

En tot slot: het lijkt me ook heel heilzaam als iedereen die deel uitmaakt van de stembureaus een passende dagvergoeding krijgt voor de activiteiten. Uiteraard fiscaal onbelast.

PS Er wordt op 6 april a.s. een referendum over het associatieverdrag Oekraïne gehouden. Waarschijnlijk is dat het eerste referendum op basis van de Wet raadgevend referendum. Opmerkelijk is dat de uitslag van dit referendum volgens mededelingen van de rijksoverheid gevolgd gaat worden, ook als dat onverstandig zou zijn.

Meer informatie

Aanvulling 5 februari 2016

Rondom referendums blijkt ook een heel subsidiecircuit te zijn. De rijksoverheid liet op 3 februari 2016 door middel van een persbericht weten dat er 173 aanvragen voor subsidie bij de Referendumcommissie zijn ingediend. Het bericht was niet op rijksoverheid.nl te vinden, maar er is wel over geschreven, onder meer door Elsevier en FD. Het FD schrijft dat er ruim € 3,7 mln subsidie is aangevraagd.

Meer informatie

Aanvulling 4 april 2016

Lees over de referendumwet ook Hans Goslinga, “Het referendum deugt van geen kant“, Trouw 3 april 2016.


Aanvulling 22 november 2016

Op 21 november verscheen een persbericht “Tweede evaluatieverslag Referendumcommissie naar Tweede Kamer” dat per e-mail werd verzonden. Op rijksoverheid.nl heb ik het bericht nog nergens kunnen vinden. Het bericht gaat over het subsidiecircus rondom referendums en illustreert wat een bezighouderij en geldverspilling een referendum is.

21 november 2016 – 17:00
Tweede evaluatieverslag Referendumcommissie naar Tweede Kamer De Referendumcommissie heeft haar tweede evaluatieverslag naar de Tweede Kamer gestuurd. Dit deel gaat over de afhandeling van de subsidies voor activiteiten rond het Oekraïne-referendum van 6 april.

De Referendumcommissie ziet geen aanleiding de huidige subsidieregeling fundamenteel te veranderen. Zeker niet nu er nog maar ervaring met één referendum is. In het evaluatieverslag kondigt de commissie wel enkele aanpassingen aan om de regeling eenvoudiger te maken en sneller uit te voeren. Daarnaast wil de commissie bij een volgend referendum onderzoek laten doen naar de effectiviteit van de toegekende subsidies.

De Referendumcommissie kondigt onder meer de volgende veranderingen aan:
* Binnen de categorieën vóór, tegen en neutraal verdwijnt de reservering van 20 procent van het subsidiebedrag voor particulieren. Particulieren krijgen dezelfde kans op subsidie als organisaties, tot 20 procent van het beschikbare subsidiebedrag in elke categorie. Dit maakt de regeling eenvoudiger en sneller uit te voeren.
* Voor een volgend referendum komen er informatiebijeenkomsten over de subsidiemogelijkheden, de eisen en de verantwoording achteraf. De commissie verwacht dat dit de kwaliteit van de aanvragen verbetert.
* Om de volgende keer de aanvraag en de voorgenomen activiteit nog beter te kunnen beoordelen, zullen de aanvragers een plan van aanpak moeten opstellen. Ook bij de controle achteraf kan de commissie dan beter toetsen of de activiteiten volgens de verwachtingen zijn uitgevoerd.
* Het louter geven van informatie over het onderwerp van het referendum, is een volgende keer niet meer genoeg.  Ook activiteiten in de categorie ‘neutraal’ moeten het debat over voor- en tegenargumenten stimuleren.
* Bij activiteiten waarbij personeel wordt betaald, geldt volgende keer ook voor extern personeel een maximum tarief van 35 euro per uur. Dat bedrag gold al voor intern personeel.

Als bijlage zit er een verslag bij dat te vinden is op deze locatie (een merkwaardige URL).

Over Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Verbonden aan Pellicaan Advocaten, http://www.pellicaan.nl/, kantoor Capelle aan den IJssel (Rotterdam), telefoon 088-6272287, fax 088-6272280, e-mail ellen.timmer@pellicaan.nl ||| Weblogs: algemeen: https://ellentimmer.wordpress.com/ ||| modernisering ondernemingsrecht: http://flexbv.wordpress.com/
Dit bericht werd geplaatst in Bestuursrecht, Juridisch diversen en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Referendabiliteitsbesluit

  1. Pingback: RT @Ellen_Timmer: Weg met deze… – SR Breda 2016

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s