Regeling integere bedrijfsvoering Wet toezicht trustkantoren 2014 is in de Staatscourant geplaatst – juridisch auditor bij trustkantoren is een feit geworden

De nieuwe versie van de Regeling integere bedrijfsvoering is afgelopen week in de Staatscourant geplaatst onder de titel “Regeling integere bedrijfsvoering Wet toezicht trustkantoren 2014“. Bij de tekst van de regeling hoort ook een summiere toelichting.

De regeling heeft een zeer algemeen karakter, zoals ook in de vorige versie al het geval was, zodat de praktijk behoefte zal houden aan meer informatie over de interpretatie. In de regeling zijn nieuwe regels inzake functiescheiding binnen trustkantoren opgenomen, die tot doel hebben kleine trustkantoren te weren. Met name artikel 7 is interessant, omdat daarin onder meer de functie van de juridisch auditor is opgenomen, een onderwerp waar over ik al eerder schreef. Dat artikel luidt:

Artikel 7

1. Een trustkantoor draagt zorg voor een onafhankelijke en effectieve compliancefunctie ten aanzien van haar werkzaamheden. De compliancefunctie is gericht op het controleren van de naleving door het trustkantoor van het bij of krachtens de wet bepaalde en het procedurehandboek.

2. Een trustkantoor draagt er zorg voor dat op onafhankelijke en effectieve wijze een auditfunctie wordt uitgeoefend ten aanzien van haar werkzaamheden en de compliancefunctie. De auditfunctie is gericht op het controleren van de naleving door het trustkantoor van het bij of krachtens de wet bepaalde en het procedurehandboek en de uitvoering van de compliancefunctie.

3. Een trustkantoor creëert een adequate functiescheiding. Daarmee waarborgt het trustkantoor de onaf-hankelijke uitoefening van de compliancefunctie en de auditfunctie door vastlegging van taken, verant-woordelijkheden en bevoegdheden. Met deze functiescheiding draagt een trustkantoor er in elk geval zorg voor dat:
a. de uitvoering van werkzaamheden niet wordt gecombineerd met de uitoefening van de compliancefunctie ten aanzien van die werkzaamheden;
b. de uitvoering van werkzaamheden en de uitoefening van de compliancefunctie niet wordt gecombineerd met de uitoefening van de auditfunctie;
c. een bestuurder van een trustkantoor geen auditfunctie uitoefent en geen compliancefunctie uitoefent ten aanzien van de werkzaamheden van een andere bestuurder, indien de laatstbedoelde bestuurder de compliancefunctie uitoefent of heeft uitgeoefend ten aanzien van werkzaamheden van de eerstbedoelde bestuurder.

4. De personen belast met de compliancefunctie of de auditfunctie rapporteren hun bevindingen, met name gesignaleerde tekortkomingen of gebreken in de naleving van het bij of krachtens de wet bepaalde en het procedurehandboek, aan het bestuur.

5. Een trustkantoor houdt de rapportages, bedoeld in het vierde lid, gedurende vijf jaar beschikbaar voor de toezichthouder.

6. Een trustkantoor kan de compliancefunctie en de auditfunctie uitbesteden.

Vindplaatsen Regeling integere bedrijfsvoering Wet toezicht trustkantoren 2014:

Dit artikel staat ook op het weblog Compliance Platform Trustkantoren.

Over Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Verbonden aan Pellicaan Advocaten, http://www.pellicaan.nl/, kantoor Capelle aan den IJssel (Rotterdam), telefoon 088-6272287, fax 088-6272280, e-mail ellen.timmer@pellicaan.nl ||| Weblogs: algemeen: https://ellentimmer.wordpress.com/ ||| modernisering ondernemingsrecht: http://flexbv.wordpress.com/
Dit bericht werd geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Trustkantoren en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s