Meer informatieuitwisseling tussen de juridische beroepsgroepen?

In een artikel op de KNB-site staat dat volgens kamerleden de organisaties van juridische beroepsgroepen meer met elkaar zouden moeten overleggen. Dat maakte me nieuwsgierig, want er zijn toch allerlei samenwerkingsverbanden. Ik heb daarom de bron van deze informatie opgezocht.

Op de site van de Tweede Kamer vond ik een stenogram (2014D11951) waarin het genoemde onderwerp wordt besproken [*]. Van der Steur zegt:

Er is nog wel een punt van zorg. De VVD stelt vast dat binnen onze rechtsstaat heel veel beroepsgroepen actief zijn — ik noem de Orde van Advocaten, de Raad voor de rechtspraak, de Raad voor Rechtsbijstand, de Nederlandse Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders en het notariaat — die met elkaar een groot deel van onze rechtsstaat vormgeven. Die kijken echter allemaal vooral naar zichzelf en zijn veel met elkaar en met zichzelf bezig, terwijl ze heel veel informatie hebben over elkaar, over elkaars functioneren, die ze niet met elkaar delen. Als je aan rechters vraagt of ze er wat van zeggen als ze een advocaat zien waar ze ontevreden over zijn en bang zijn dat die niet de juiste kwaliteit levert, antwoorden heel veel rechters dat niet echt als hun taak te zien. Andersom, als je aan advocaten vraagt of ze er wat mee doen als ze een rechter zien van wie ze zich afvragen of het wel helemaal goed gaat is het antwoord: nou nee, ik kijk wel uit, want dat kan tegen mij werken. Dus je ziet dat die beroepsgroepen onderling heel weinig met elkaar communiceren. Mijn eerste vraag aan de staatssecretaris is of hij met de VVD-fractie van mening is dat het goed zou zijn als die beroepsgroepen veel meer de luiken naar elkaar openzetten, veel meer met elkaar communiceren, om gezamenlijk die verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van onze rechtsstaat vorm te geven. Ik ben benieuwd hoe de staatssecretaris daar tegen aankijkt.

Het antwoord van de staatssecretaris luidt:

De heer Van der Steur vroeg of ik de mening deel dat de juridische beroepsgroepen ook over de advocatuur heen meer met elkaar moeten communiceren en onderling meer informatie moeten uitwisselen. Ik denk dat onderlinge communicatie en uitwisseling van informatie tussen juridische beroepsgroepen van groot belang is. Ik deel dus de mening van de heer Van der Steur, maar ik ben wel van mening dat ook dit in eerste instantie een zaak van de beroepsgroep is.

Van der Steur vindt het dan toch nodig er een motie aan te wijden:

De heer Van der Steur (VVD):
(…) Er is één punt dat ik heb opgeworpen en waar wij hier niets mee kunnen omdat we er niet over gaan. Zouden de beroepsgroepen in de juridische wereld, die onderdeel zijn van de rechtsstaat, gezamenlijk niet meer verantwoordelijkheid moeten nemen voor elkaars kwaliteit? Om dat punt te ondersteunen, heb ik een motie opgesteld die een oproep is aan die beroepsgroepen.

De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat over het functioneren van advocaten, notarissen, rechters, deurwaarders en officieren van justitie klachten kunnen worden ingediend bij de daartoe aangewezen instanties;
overwegende dat naast het formele klachtrecht informeel informatie over elkaars functioneren wordt uitgewisseld;
overwegende dat deze informele informatie-uitwisseling nog in de kinderschoenen staat;
overwegende dat deze beroepsgroepen samen verantwoordelijk zijn voor de rechtsstaat;
overwegende dat voor gericht toezicht op advocaten, notarissen, rechters, deurwaarders en officieren van justitie deze informele uitwisseling van informatie geoptimaliseerd moet worden, zonder het informele karakter te verliezen;
verzoekt de regering, in overleg te treden met de Nederlandse Orde van Advocaten, de Raad voor Rechtsbijstand, de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie, de Raad voor de rechtspraak, de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak, de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders en het Openbaar Ministerie, met als doel dat deze organisaties effectief onderling informeel informatie uitwisselen over elkaars functioneren;
verzoekt de regering voorts, in overleg te treden met de genoemde organisaties met als doel dat signalen over individuele advocaten informeel worden gemeld bij de algemene raad van de Nederlandse Orde van Advocaten,
en gaat over tot de orde van de dag.

Uit het stenogram begrijp ik dat het helemaal niet gaat om overleg tussen de juridische beroepsgroepen in algemene zin, maar om een systeem waarin beroepsorganisaties meldingen doen over zwakke broeders in de gelederen van andere beroepsgroepen.

Het is de vraag of het wel zo gemakkelijk is voor leden van de ene beroepsgroep om leden van de andere beroepsgroep te “beoordelen” en op correcte gronden een “signaal” af te geven. Dat is binnen een beroepsgroep al lastig. Dit lijkt me typisch een gevalletje van “makkelijker gezegd dan gedaan”.

In hetzelfde artikel van de KNB staat dat een ander kamerlid voorstelt het toezicht op juridisch advies te verbreden naar al diegenen die juridisch advies geven. Dat is een boeiende gedachte die niet makkelijk uitvoerbaar is, omdat juridisch advies niet alleen wordt gegeven door belastingadviseurs, medewerkers van rechtsbijstandsverzekeraars en zelfstandige juridisch adviseurs, maar ook door vakbonden, administratiekantoren en accountants.

Het is beter om eerst de huidige wijzigingen in de regelgeving voor advocaten, notarissen, deurwaarders, accountants en alle andere traditionele beroepsgroepen goed te implementeren en daarna verder te kijken. Het is te hopen dat de leden van de Tweede Kamer hun fantasie in toom houden en zich bezig zullen houden met de praktijk.

[*] In het kader van de parlementaire behandeling van het wetsvoorstel inzake toezicht op de advocatuur.

Aanvulling 9 april 2014 | Van Dijk: “politiek lijkt wel geobsedeerd door toezichthouders … bureaucratisch antwoord op elk probleem”
Ook in een artikel op Mr. Online wordt het idee van uitbreiding van toezicht op juridisch advies besproken onder het kopje ‘Autoriteit juridische markten’. In het artikel wordt Joost van Dijk, voorzitter van het Hof van Discipline, geciteerd: “Gevraagd naar zijn reactie op Recourts idee zegt Van Dijk lachend en tegelijkertijd bozig: “De politiek lijkt wel geobsedeerd door toezichthouders. Het is verworden tot een soort bureaucratisch antwoord op elk probleem. Voordat je dit soort ideeën oppert, moet je naar mijn idee eerst de problemen in kaart brengen. Als die er al zijn. Vind je dat er onvoldoende kwaliteit geleverd wordt? Of dat er onvoldoende mogelijkheden zijn voor mensen om kwaliteit te toetsen? Je kunt wel toezicht op toezicht blijven stapelen, maar of de juridische dienstverlening daar beter van wordt betwijfel ik. Ik vind het sowieso niet nodig. Het zal vooral een hoop geld kosten.

Dat is een gezond geluid!

Prettig is om in hetzelfde artikel te lezen dat Van Dijk zegt “Een ‘foute’ advocaat komt misschien maar één keer in de vijf jaar voor“.

Advertisements

Over Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Verbonden aan Pellicaan Advocaten, http://www.pellicaan.nl/, kantoor Capelle aan den IJssel (Rotterdam), telefoon 088-6272287, fax 088-6272280, e-mail ellen.timmer@pellicaan.nl ||| Weblogs: algemeen: https://ellentimmer.wordpress.com/ ||| modernisering ondernemingsrecht: http://flexbv.wordpress.com/
Dit bericht werd geplaatst in Dienstverlening - juridisch financieel [advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.] en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s