Kafka in de polder: Wft-vergunning nodig voor opsturen salarisgegevens aan verzekeraar. Maar gelukkig komt er een vrijstelling

Voor het tijdschrift AccountancyNieuws van 23 november 2012 schreef ik een artikel over het AFM-standpunt dat sprake is van de Wft-vergunningplicht voor accountants en administratiekantoren als zij salarisgegevens aan een pensioenverzekeraar opsturen. Dit is een handeling die een ondernemer zelf kan uitvoeren en dan niet leidt tot vergunningplicht. Als de ondernemer zijn accountant of administratiekantoor om hetzelfde vraagt, zou de laatste ineens Wft-plichtig zijn!

Inmiddels is bekend gemaakt dat er met ingang van 1 januari 2014 een vrijstelling zal gaan gelden voor het aanleveren van salarisgegevens aan pensioeninstellingen. Zie de vrijstellingsregeling [*] en het bericht van accountantsorganisatie NBA.

Het is verheugend dat de discussie over het aanleveren van salarisgegevens is geëindigd, wat niet wegneemt dat ik het pure kolder blijf vinden dat het aanleveren van salarisgegevens zou kunnen leiden tot vergunningplicht op grond van de Wft. Het is een slechte zaak, als de Wft zou inhouden dat handelingen die een klant-ondernemer zelf kan doen en waarvoor geen specialistische kennis is vereist, op zichzelf tot Wft-vergunningplicht zouden mogen leiden van een dienstverlener.

[*] In artikel 6, eerste lid Vrijstellingsregeling Wft wordt een onderdeel ingevoegd, luidende:
h. bemiddelaars die een andere hoofdberoepswerkzaamheid hebben dan het verlenen van financiële diensten en uit hoofde van die hoofdberoepswerkzaamheid beschikken over gegevens betreffende de financiële situatie van de consument, voor zover zij, zonder daarvoor van de aanbieder provisie te ontvangen, deze gegevens op verzoek van de werkgever van de betreffende consument verstrekken aan de aanbieder.

Toelichting op de wijziging:
b. salarisadministratiekantoren en accountants
Veel salarisadministratiekantoren en accountants geven salarisgegevens door aan pensioenfondsen, verzekeraars en premiepensioeninstellingen ten behoeve van het bepalen van de premie die de werkgever af moet dragen voor het pensioen van de werknemer. Het doorgeven van deze gegevens aan verzekeraars of premiepensioeninstellingen kwalificeert echter als bemiddelen in de zin van de Wft, waarvoor op grond van artikel 2:80 van de Wft een vergunning moeten worden aangevraagd. Daar een pensioenfonds geen aanbieder in de zin van de Wft is, is dit niet het geval bij pensioenfondsen. Het doorgeven van salarisgegevens van een nieuwe werknemer kan namelijk gezien worden als het als tussenpersoon tot stand brengen van een overeenkomst inzake een financieel product (het pensioencontract). Wat betreft lopende contracten, gaat het om het assisteren bij het beheer en de uitvoering, hetgeen volgens onderdelen c en d van de definitie van bemiddelen in artikel 1:1 van de Wft ook onder bemiddelen valt.
De gegevens worden doorgegeven op verzoek van de werkgever, omdat juist salarisadministratiekantoren en accountants eenvoudig kunnen beschikken over de juiste gegevens. Buiten het doorgeven van de salarisgegevens zijn zij verder niet betrokken bij de advisering over en de bemiddeling in het pensioenproduct. Deze activiteiten vormen dus een marginaal onderdeel van de werkzaamheden van de salarisadministratiekantoren en accountants, terwijl er wel uitgebreide wettelijke eisen tegenover staan. Dit wordt onwenselijk geacht. Daarom wordt voorzien in een vrijstelling voor deze activiteiten. De vrijstelling is analoog vormgegeven aan de bestaande vrijstelling voor adviseurs die een andere hoofdberoepswerkzaamheid hebben dan het verlenen van financiële diensten, maar vanwege die andere hoofdberoepswerkzaamheid wel beschikken over gegevens betreffende de financiële situatie van de consument. Wanneer dergelijke gegevens worden doorgegeven, mag verder geen provisie worden ontvangen van de aanbieder en wordt de eis gesteld dat de gegevens worden doorgegeven op verzoek van de werkgever van de desbetreffende consument.

Aanvulling 17 november 2014
De AFM schrijft op dit moment op de website dat een vrijstelling geldt als aan alle navolgende voorwaarden wordt voldaan:

  1. De adviseur heeft een andere hoofdberoepswerkzaamheid dan het verlenen van financiële diensten.
  2. Vanwege de hoofdberoepswerkzaamheid heeft de adviseur inzicht in de financiële situatie van zijn klant.
  3. De adviezen over financiële producten liggen in het verlengde van de hoofdberoepswerkzaamheid.
  4. De adviseur ontvangt voor de verleende adviezen geen betalingen van de aanbieder.
  5. De adviezen mogen slechts marginaal onderdeel uitmaken van de totale werkzaamheden.
  6. De adviseur bemiddelt niet in het product waarover hij adviseert

Over Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Verbonden aan Pellicaan Advocaten, http://www.pellicaan.nl/, kantoor Capelle aan den IJssel (Rotterdam), telefoon 088-6272287, fax 088-6272280, e-mail ellen.timmer@pellicaan.nl ||| Weblogs: algemeen: https://ellentimmer.wordpress.com/ ||| modernisering ondernemingsrecht: http://flexbv.wordpress.com/
Dit bericht werd geplaatst in Dienstverlening - juridisch financieel [advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.], Financieel recht, onder meer Wft, Wtt en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s