Klagen over journalisten | wanneer komt er een media-rechter?

Als er iets mis gaat in de berichtgeving door journalisten, laten de meeste slachtoffers het over zich heengaan. Sommigen proberen bij de Raad voor de Journalistiek (RvJ) voor elkaar te krijgen dat de journalist en zijn krant worden veroordeeld, wat kan betekenen dat de Raad vaststelt dat journalist en krant journalistiek onzorgvuldig hebben gehandeld en moeten rectificeren. Informatie over de uitspraken is te vinden op de website van de RvJ.

Zoekfunctionaliteit is gebrekkig

Opvallend is dat in de zoekfunctionaliteit van de Raad niet via tags kan worden gezocht op het medium of op de naam van de journalist. Dat zou het makkelijk maken om te zien welke journalisten veel klachten krijgen.

Bij de samenvatting van de uitspraken staan wel tags, zoals de aard van het medium (‘landelijk dagblad’), de aard van de klacht (bijvoorbeeld ‘onjuiste berichtgeving’) en aanvullende informatie, bijvoorbeeld schending van de privacy (‘verdachten/veroordeelden’, ‘vermelding persoonlijke gegevens’). Via de tags kan niet worden doorgeklikt naar andere uitspraken met dezelfde kenmerken.

Als gevolg hiervan is het niet makkelijk om de uitspraken te rubriceren en deelanalyses te maken, bijvoorbeeld: hoe vaak worden journalisten veroordeeld voor privacyschendingen, welke media worden het vaakst aangepakt en op welk type schendingen hebben de overtredingen betrekking.

Mini-onderzoek Het Financieele Dagblad

In een mini-onderzoekje heb ik me daarom beperkt tot Het Financieele Dagblad (het FD). In de database vond ik acht uitspraken gericht tegen de hoofdredacteur van deze krant. Daarvan zijn drie zaken afgewezen (afgewezen, ongegrond, zorgvuldig), in één zaak verklaarde de RvJ zich onbevoegd. In vier zaken gaf de Raad de klager gelijk.

De uitspraken zijn gedaan in 2008 (1), 2009 (1), 2010 (2), 2014 (1), 2016 (1) en 2017 (2). Uiteraard kunnen het er in 2017 meer worden aangezien het jaar niet voorbij is.

Vier van de zaken zijn gericht tegen Vasco van der Boon, waarvan de Raad één keer vindt dat hij onzorgvuldig heeft gehandeld. Op nummer twee staat Gerben van der Marel, tegen wie twee keer is geklaagd, één keer gegrond en één keer ongegrond. De overige vijf FD-journalisten komen (in relatie tot het FD) allen maar één keer voor. Bij vier van hen krijgt de klager in uitspraken uit 2010 gelijk.

Media-rechtbank

In deze digitale tijd is een instantie als de RvJ met zo’n beperkte doelgroep als journalisten niet meer passend. Mij lijkt dat het tijd is geworden dat een ruimere groep van publicisten dan alleen journalisten ter verantwoording kan worden geroepen bij een laagdrempelige gespecialiseerde rechterlijke instantie. Zo’n gespecialiseerde rechter kan effectieve bevoegdheden krijgen, waarmee digitale trollen en ander gespuis kan worden aangepakt.

Meer informatie:

  • Website Raad voor de Journalistiek
Advertenties
Geplaatst in Grondrechten, rechtsstaat e.d. | Tags: , | Een reactie plaatsen

Session-replay scripts | hoe softwarebedrijven meelezen met iedere computergebruiker

Een van de meest opzienbarende berichten over de praktijken van softwarebedrijven, is wel het artikel van Steven Englehardt, Gunes Acar en Arvind Narayanan, “No boundaries: Exfiltration of personal data by session-replay scripts“, dat deze maand is verschenen.

Zonder dat computergebruikers er weet van hebben worden door bepaalde softwarebedrijven de handelingen door computergebruikers geregistreerd, waarbij allerlei persoonsgegevens en andere vertrouwelijke gegevens worden geoogst via bepaalde scripts, de ‘session-replay scripts’. Het beschreven onderzoek had betrekking op session-replay script bedrijven Yandex, FullStory, Hotjar, UserReplay, Smartlook, Clicktale en SessionCam (‘SRS-bedrijven’). Waarschijnlijk zijn er nog meer van dergelijke bedrijven.

In de door de Englehardt c.s. bekend gemaakte lijst van bedrijven die SRS-bedrijven gebruiken, komen een groot aantal bekende namen voor, zoals Amerikaanse internetgiganten (Adobe, Microsoft, WordPress, HP, Logitech, Spotify) en andere grote bedrijven (Samsung). Op de lijst staat een securitybedrijf (Kaspersky). Via de zoekfunctie kwam ik geen .nl domeinen tegen, hoewel ik me herinner Clicktale wel eens bij Nederlandse sites te hebben gezien.

Het verzamelen en doorverkopen door SRS-bedrijven van de verkregen informatie is zeer riskant voor computergebruikers, zowel de privépersonen als bedrijven en organisaties. Bovendien is het in strijd met de Nederlandse en Europese privacy- en securitywetgeving.

Consequenties

Het bericht van Englehardt c.s. – het eerste van een serie – roept een groot aantal vragen op. Onder meer over de juridische consequenties voor de bedrijven die gebruik maken van de diensten van SRS-bedrijven. Technisch is de vraag of een computergebruiker iets tegen deze praktijken kan ondernemen, bijvoorbeeld door javascript (deels) uit te zetten, zoals dat kan met sommige browser-plugins. Ik heb nog geen artikelen gevonden waarin wordt beschreven of en hoe er technisch iets aan kan worden gedaan.

Al eerder signaleerde ik dat het tijd is voor regelgeving, die bedrijven verplicht om bekend te maken aan de computergebruiker dat zij of hun leveranciers gegevens verzamelen. De bedrijven dienen de gebruikers de mogelijkheid te geven de site te gebruiken en diensten af te nemen, zonder dat dit soort gegevensverzameling plaats vindt.

Verder is gewenst dat aanbieders van browsers (zoals Microsoft en Google) worden verplicht functies die dit soort gegevensverzameling mogelijk maken uit te zetten (privacy-by-design). Misschien moeten we maar eens af van de javascript-verslaving en moeten browsers volledig worden gestript.

Meer informatie:

Geplaatst in ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Vragen over het eerste wetsvoorstel Wwft | AMLD4

Op 17 november jl. is het verslag vastgesteld inzake het eerste wetsvoorstel tot implementatie van de 4e Europese antiwitwasrichtlijn (AMLD4) in de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft).

Degenen die de ontwikkelingen rondom de Wwft volgen vinden in het verslag een groot aantal vragen die door kamerleden zijn gesteld, zoals:

  • Waarom is er een apart wetsvoorstel inzake het ubo-register?
  • Wat zijn de verschillen tussen de EU-lidstaten inzake de implementatie van AMLD4?
  • Waarom worden belangrijke begrippen, zoals het begrip uiteindelijk belanghebbende (ubo) en politiek prominente persoon (PEP) in lagere regelgeving geregeld?
  • Komen gevolmachtigden in het ubo-register?
  • Waarom is er gekozen voor een openbaar ubo-register?
  • Kan de definitie van het begrip ubo nader worden toegelicht en wanneer iemand die geen aandelen of stemrechten heeft ubo is?
  • Kan er een uitzondering komen voor ANBI’s, zoals ook bij kerkgenootschappen is gebeurd?
  • Krijgen kamerleden straks met verscherpt cliëntenonderzoek onder de Wwft te maken, bijvoorbeeld als zij een bankrekening openen of hypotheek afsluiten?
  • Wat houdt de risicogebaseerde benadering van het cliëntenonderzoek in?
  • Kan het ubo-register via een trust of fonds voor gemene rekening worden ontweken?
  • Wat betekent het dat hoger leidinggevend personeel als ubo kan worden aangemerkt?
  • Wat is het verschil tussen ‘senior management’ en ‘hoger leidinggevend personeel’?
  • Wat zijn de gevolgen van het brengen van kopers van goederen onder de Wwft?
  • Kan de Wwft tot gevolg hebben (vanwege de ‘passende beheersmaatregelen’ die nodig zijn) dat bepaalde ondernemingsactiviteiten worden gestaakt, met bijvoorbeeld verlies van dienstverlening voor consumenten als gevolg?
  • Kan worden toegelicht hoe is voorkomen dat de nieuwe Wwft disproportionele gevolgen heeft voor kleine ondernemingen die onder de Wwft vallen?
  • Is er een privacy impact assessment uitgevoerd inzake de implementatie van AMLD4 in Nederland, die ook het ubo-register omvat?
  • Hoe is de beveiliging van de persoonsgegevens die worden uitgewisseld gewaarborgd?

Jammer genoeg ontbreken een groot aantal vragen die ik heb, zoals:

  • Wat is de reden dat hoger leidinggevend personeel als ubo wordt aangemerkt als er geen ‘andere’ ubo’s zijn. Waarom is niet gekozen voor een anti-misbruik bepaling zoals in andere financiële wetgeving?

Ik nodig kamerleden van harte uit mijn artikelen over de Wwft en AMLD4 te lezen.

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, ICT, privacy, e-commerce, Ubo-register | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

WNT: nieuwe openbaarmakingsplicht per 1 januari 2018

Met ingang van 1 januari 2018 geldt voor organisaties waarop de Wet normering topinkomens (WNT) van toepassing is (‘WNT-instellingen’) een nieuwe openbaarmakingsverplichting. De Evaluatiewet WNT heeft de wettelijke basis gecreëerd voor wijziging van de Uitvoeringsregeling WNT. Daarin is per 1 januari a.s. de verplichting voor WNT-instellingen opgenomen dat de WNT-verantwoording uiterlijk op 1 juli van het jaar volgend op het verslagjaar openbaar gemaakt wordt via het internet op een algemeen toegankelijke wijze.

De verplichting gaat op 1 januari 2018 in, met als gevolg dat de nieuwe regels moeten worden toegepast op alle financiële verslaggevingsdocumenten die na die datum worden vastgesteld.

Aandachtspunten:

  • Het gaat alleen om de WNT-verantwoording, niet om het complete financieel verslaggevingsdocument.
  • Veel WNT-instellingen maken hun jaarrekening met WNT-verantwoording al via internet openbaar. Soms wordt daarbij gebruik gemaakt van een algemeen platform zoals www.jaarverslagenzorg.nl. Voor hen verandert er niets. Diegenen die nog niets op het internet publiceren, zullen met ingang van 1 januari 2018 alsnog moeten gaan publiceren.
  • De internetpublicatieplicht staat los van sectorale regelingen, zoals voor bijvoorbeeld onderwijs-, cultuur- en media-instellingen, zorginstellingen en woningcorporaties kunnen gelden. Die sectorale regelingen kunnen aanvullende verplichtingen bevatten.

Dit bericht verscheen eerder op het ondernemingsrechtweblog.

Pellicaan Advocaten beschikt over advocaten gespecialiseerd inzake de WNT en werkt samen met de fiscale en accountancy WNT-experts van Mazars. Meer informatie over de WNT is te verkrijgen bij Xander Alders en Ellen Timmer.

Geplaatst in Bestuur en toezicht bij rechtspersonen, Bestuursrecht, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt | Tags: | Een reactie plaatsen

AMLD4 | “Member States not ready to close deal on AMLD, say rapporteurs”

On 14 November 2017 the following article was posted on europarl.europa.eu:

Member States not ready to close deal on AMLD, say rapporteurs

Press Releases ECON LIBE
14 November 2017

Negotiations stall over update to Anti-money laundering Directive after Council attends final scheduled trilogue without mandate
On Tuesday evening, a political agreement on the 5th update to the Anti-Money Laundering Directive failed to materialise during the last scheduled trilogue. Agreement was blocked by the Council’s lack of a mandate to negotiate and the absence of a text as a basis for discussion.
Krišjānis Kariņš leading the negotiations on behalf of the Economic and Monetary Affairs Committee said:

“The European Parliament regrets that the Council is not ready to undertake serious negotiations in order to reach an agreement. We are concerned that the delay in the negotiations between the Parliament and Council may be used as a reason to delay the implementation of 4th Anti-Money Laundering Directive and, in effect, the setting up of beneficial ownership registers.
The Parliament has negotiated in good faith from the very beginning and we expect the Council to be constructive and willing to reach an agreement before the end of the year.”

Judith Sargentini, leading the negotiations on behalf of the Civil Liberties, Justice and Home Affairs Committee stressed the need for transparency registers to stamp out the practice of money being concealed. She said:

“We have seen Lux leaks, the Panama Papers and now the Paradise Papers. The list is getting longer but members states fail to see the urgency. We need to finalise this legislation and implement it as soon as possible as transparency around ownership will help to fight money laundering and tax evasion. The delay in finalising a deal on the 5th update to the AMLD is having a knock-on effect on implementation of the 4th update. This cannot continue.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , | Een reactie plaatsen

E-mail is een van de onveiligste communicatiemiddelen die er bestaan. Maar niemand weet het

E-mail is een van de onveiligste communicatiemiddelen die er bestaan. Maar niemand weet het. Ook bedrijven en organisaties niet, zij sturen vrolijk vertrouwelijke persoonsgegevens (als naam, adres, geboortedatum, klantnummer en bankrekeningnummer) die op een internetformulier zijn ingevuld (hopelijk is het internetformulier beveiligd) per e-mail aan de invuller terug, met de bevestiging van de gestelde vraag. Tja, dat doet het systeem.

Al gedurende lange tijd wordt gewaarschuwd door allerlei gezaghebbende partijen voor de onveiligheid van e-mail. In 2016 waarschuwde de Nederlandse Orde van Advocaten, geassisteerd door FOX-IT, over e-mail:

Alleen geschikt voor algemene communicatie, maar in principe nooit voor uitwisseling van vertrouwelijke informatie.

Toelichting: Uitwisseling van vertrouwelijke informatie alleen indien beide partijen onderling mailverkeer kunnen versleutelen.

De veel gelezen IT-jurist Arnoud Engelfriet zegt al lange tijd: “E-mail is volstrekt onveilig en bovendien triviaal te vervalsen“.

De boodschap dringt niet door. Duidelijke waarschuwingen van de Nederlandse overheid ontbreken. Zo waarschuwt het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) wel tegen onveilige wifi (zonder te vertellen dat niet iedere VPN is te vertrouwen) maar ontbreekt een duidelijke waarschuwing over e-mail.

In Duitsland zijn ze iets verder. Daar krijgen artsen, apothekers en advocaten de waarschuwing dat elektronische communicatie met de overheid en hun klanten alleen versleuteld hoort plaats te vinden. In een artikel voor Heise Online schrijft Stefan Krempl dat de privacy toezichthouder van de deelstaat Saksen onder meer advocaten heeft gelast om veilig te communiceren. Krempl citeert de toezichthouder, “het is van algemene bekendheid dat niet versleutelde e-mail te vergelijken is met het verzenden van een briefkaart” en “het bericht kan onderweg door iedereen worden gelezen, een dergelijke communicatie is in strijd met de stand van de techniek en de databeschermingsregelgeving” (vrije vertaling)

Sachsens Datenschutzbeauftragter Andreas Schurig hat Ärzte, Apotheker, Rechtsanwälte und Sozialarbeiter ermahnt, ihre elektronische Kommunikation mit Behörden, Mandanten oder Kunden zu verschlüsseln: “Es ist allgemein bekannt, dass der unverschlüsselte Versand von E-Mails vergleichbar mit dem Versand einer Postkarte ist”, schreibt der Kontrolleur in seinem 8. Tätigkeitsbericht für den nicht-öffentlichen Bereich. Alle an der Datenübertragung beteiligten Stellen können so problemlos mitlesen. Eine derartige Kommunikation entspreche nicht mehr dem Stand der Technik und sei daher als datenschutzwidrig einzuordnen.

In Nederland is het precies hetzelfde.

Meer informatie:

Geplaatst in Dienstverlening - juridisch financieel [advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.], ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Moeten advocaten en notarissen hun antiwitwasdossier aan de fiscus verschaffen? | toegang belastingautoriteiten tot antiwitwasinlichtingen

In de gisteren op dit blog besproken Nota naar aanleiding van het verslag behorend bij het wetsvoorstel Wet implementatie EU-richtlijn toegang belastingautoriteiten tot antiwitwasinlichtingen (WIB), wordt ook een vraag over geheimhoudings- en verschoningsrecht van advocaten en notarissen beantwoord:

Daarnaast vragen de leden van de fractie van D66 of de specifieke groep meldingsplichtige entiteiten, waarbij bepaalde antiwitwasinlichtingen zich bevinden, ook advocaten en notarissen bevat en hoe het voorgestelde artikel 10g van de WIB zich tot de geheimhouding voor deze beroepen en tot het verschoningsrecht verhoudt. Onder antiwitwasinlichtingen waartoe de Belastingdienst (desgevraagd) toegang krijgt, vallen, zoals vermeld, inlichtingen die worden verzameld en bewaard op grond van de cliëntenonderzoeksmaatregelen door meldingsplichtige entiteiten. Notarissen en advocaten kunnen meldingsplichtige entiteiten zijn volgens de vierde antiwitwasrichtlijn, wanneer zij bepaalde werkzaamheden verrichten. Echter, de geheimhouding voor advocaten en notarissen en hun verschoningsrecht komen niet in het geding door het onderhavige wetsvoorstel (meer specifiek: door artikel 10g van de WIB). Op grond van artikel 14, tweede lid, onderdeel b, van de WIB hoeft de Belastingdienst namelijk geen inlichtingen te verstrekken (en daaraan voorafgaand een onderzoek in te stellen) indien die inlichtingen in Nederland krachtens wettelijke bepalingen of op grond van de administratieve praktijk niet zouden kunnen worden verkregen. Deze begrenzing kan voortvloeien uit wettelijke bepalingen zoals het formele verschoningsrecht van advocaten en notarissen.

Geplaatst in Belastingrecht, Dienstverlening - juridisch financieel [advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.], Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Uiteindelijke belanghebbende in het belastingrecht en in AMLD4 | Wwft

In de Nota naar aanleiding van het verslag behorend bij het wetsvoorstel Wet implementatie EU-richtlijn toegang belastingautoriteiten tot antiwitwasinlichtingen, komt de relatie tussen de fiscale uiteindelijk belanghebbende en die uit de antiwitwetgeving aan de orde.

Fiscale ubo is geen AMLD4-ubo

Het valt op dat de opstellers van de nota van de veronderstelling uitgaan dat de ‘uiteindelijk belanghebbende’ (ubo) in het fiscale recht dezelfde is als in de antiwitwetgeving. Door de vreemde definiëring in de 4e Europese Antiwitwasrichtlijn (AMLD4) is dat echter niet het geval. Europa heeft bij de totstandkoming van AMLD4 niet gekozen voor een anti-misbruikbepaling (zoals we bijvoorbeeld in de sanctieregelgeving wel kennen) maar voor een systeem waarbij iedere entiteit een ubo heeft, ook als die ubo geen economisch belang heeft (via aandelen, certificaten of anderszins).

Naar aanleiding van vragen van kamerleden, komt in de nota een nietszeggend antwoord:

Onder uiteindelijk belanghebbenden worden volgens de CRS verstaan de natuurlijke personen die zeggenschap uitoefenen over een entiteit. [41]  In het geval van trusts worden hieronder volgens de CRS verstaan: de insteller(s) van een trust, de trustees, de eventuele protector(en), de begunstigde(n) of categorie(ën) begunstigden en eventuele andere natuurlijke personen die de uiteindelijke feitelijke zeggenschap uitoefenen over de trust. In het geval van andere juridische overeenkomsten dan een trust worden hieronder volgens de CRS verstaan: personen in dezelfde of een vergelijkbare positie. Hierbij is aangegeven dat het begrip moet worden uitgelegd op een wijze die verenigbaar is met de aanbevelingen van de Financial Action Task Force (FATF) [42] .

De definitie in artikel 3, zesde lid, van de vierde antiwitwasrichtlijn omschrijft een uiteindelijk belanghebbende kort gezegd als elke natuurlijke persoon die de uiteindelijke eigenaar is van of uiteindelijke zeggenschap heeft over een cliënt, dan wel als de natuurlijke persoon voor wiens rekening een transactie of activiteit wordt verricht. Daarnaast wordt in de onderdelen a tot en met c van artikel 3, zesde lid, van de vierde antiwitwasrichtlijn bepaald welke categorieën personen ten minste als uiteindelijk belanghebbenden kwalificeren in geval van bepaalde vennootschapsrechtelijke entiteiten en trusts43 . De definitie uit deze richtlijn is gedetailleerder dan de definitie voor de CRS. Bovendien zijn de hiervoor bedoelde (niet-limitatieve) onderdelen a tot en met c van die richtlijn niet opgenomen in de CRS. Materieel sluiten de definities evenwel bij elkaar aan, omdat, zoals vermeld, beide definities nauw aansluiten bij, respectievelijk uitgelegd moeten worden volgens, de genoemde FATF-aanbevelingen.

Noten
[41] Zie bijlage I, sectie VIII, onderdeel D, onder 5, van Richtlijn 2011/16/EU.
[42] International Standards on Combating Money Laundering and the Financing of Terrorism & Proliferation (The FATF Recommendations), February 2012.

Treurig dat de nieuwe AMLD4-ubo’s – zoals de leden van het senior management die alleen een salaris ontvangen van hun entiteit – straks in de internationale gegevensuitwisseling terecht komen met al hun financiële persoonsgegevens, die (afgezien van een eventueel salaris) niets met aandelenbelang c.a. in de door hen gemanagede entiteit te maken hebben.

Wonderlijk is dat privacy geen rol zou spelen “Het onderhavige wetsvoorstel heeft niet geheel en ook niet voor een belangrijk deel betrekking op de verwerking van persoonsgegevens“:

De leden van fractie van de VVD vragen in hoeverre overleg plaats heeft gevonden met de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) over het wetsvoorstel en de implementatie daarvan bij de Belastingdienst. De AP wordt om advies gevraagd over voorstellen van wet en ontwerpen van algemene maatregelen van bestuur die geheel of voor een belangrijk deel betrekking hebben op de verwerking van persoonsgegevens. [18]  Het onderhavige wetsvoorstel heeft niet geheel en ook niet voor een belangrijk deel betrekking op de verwerking van persoonsgegevens, waardoor geen overleg met de AP nodig was en dat overleg ook niet heeft plaatsgevonden. Bij het onderhavige wetsvoorstel gaat het primair om toegang tot antiwitwasinlichtingen die reeds zijn verzameld op grond van antiwitwasregelgeving, ter controle en uitwisseling van informatie die (in beginsel) al door de Belastingdienst wordt verzameld in het kader van de CRS-regelgeving. [19]

Noten
[18] Op grond van artikel 51, tweede lid, van de Wbp.
[19] Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat in de memorie van toelichting bij de Wet uitvoering Common Reporting Standard reeds uitgebreid is ingegaan op de gegevensbescherming. Het wetsvoorstel Wet uitvoering Common Reporting Standard en de daarbij horende memorie van toelichting, alsmede de voor dat wetsvoorstel uitgevoerde Privacy Impact Assessment (PIA), zijn destijds aan het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP), zijnde de AP, voorgelegd. Het CBP heeft het wetsvoorstel toen als volgt beoordeeld: «Bij bestudering van het wetsvoorstel tot wijziging van de WIB en de concept toelichting is niet gebleken dat met het wetsvoorstel de Wbp niet wordt nageleefd. Het wetsvoorstel geeft dan ook geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen.» Zie hiervoor ook Kamerstukken II 2014/15, 34 276, nr. 3, blz. 19.


Aanvulling 20 november 2017

Zie over de fiscale ubo en de AMLD4-ubo ook een Commission Staff Working Document van 21 juni 2017, waarin met geen woord wordt gerept over het verschil tussen beide begrippen. Van dik hout zaagt men planken.

Geplaatst in Belastingrecht, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Noblesse oblige

 

 

 

Geplaatst in Dienstverlening - juridisch financieel [advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.] | Een reactie plaatsen

De gadgets die niet worden gemaakt

Opvallend aan de huidige IT is dat alles is gericht op het verzamelen van gegevens (door de leverancier van het apparaat en door de app-leverancier) over de gebruiker. Die gebruiker kan het apparaat en de software privé of zakelijk gebruiken. Dat maakt voor de leveranciers niet uit: een bedrijf als LinkedIn heeft nog nooit gehoord van de vertrouwelijkheidsverplichtingen die beroepsbeoefenaren en ondernemers kunnen hebben. Producten waar maatschappelijk behoefte aan bestaat worden niet aangeboden.

Voorbeelden van wat er niet wordt gemaakt:

  • Meetapparatuur waarmee het binnenklimaat in woningen en bedrijfs- en kantoorruimten kan worden gemeten en waarvan de resultaten kunnen worden doorgezonden aan de arbeidsinspectie, RIVM en milieuorganisaties. Dit lijkt me een prachtige methode om de luchtkwaliteit permanent te monitoren en te kijken of maatregelen (zoals het verbieden van oude auto’s in de binnenstad) resultaat opleveren.
  • Meetapparatuur om voedsel te testen op de aanwezigheid van gifstoffen en andere ongewenste bestanddelen, zoals in aardbeien. Ook deze gegevens kunnen – met vermelding van de verkoper van het product – worden verstuurd aan de Voedsel- en Warenautoriteit en milieuorganisaties. Het biedt de mogelijkheid om profielen te maken van zowel de verkopers (supermarkten en dergelijke) als de leveranciers van producten die een afkomstlabel hebben.
  • Apparatuur waarmee digitale producten kunnen worden onderzocht op ongewenste risico’s, zoals onbeveiligd contact leggen met internet, tracking en andere zaken. Daar hoort software bij, waarmee de problemen aan onafhankelijke instanties kunnen worden gemeld.

Zo zijn meer voorbeelden te bedenken, waarbij belangstellende burgers en anderen gegevens kunnen verzamelen en onderzoek kunnen doen, met profijt voor de Nederlandse samenleving. De uitkomsten kunnen verbetering van producten en van het milieu stimuleren.

In plaats daarvan wordt allerlei flauwekul aangeboden, zoals die malle gezondheidsapps. En software waarmee het woonhuis wordt ‘bestuurd’ (en het leverende bedrijf meteen een grote hoop persoonsgegevens kan verzamelen). De menselijke gezondheid zou een stuk beter worden als die mens alles gewoon fysiek zou doen, in plaats van al die apparaatjes te gebruiken en auto te rijden.

Het zou nog mooier zijn als er hardware en software kan worden ontwikkeld waarmee de activiteiten van alle internetgiganten en andere grote entiteiten (zoals overheidsinstanties) kunnen worden gemonitord en geanalyseerd en kan worden gemeten welke schade wordt toegebracht aan de mensheid. (Maar dit is wel heel optimistisch vrees ik.)

Gelukkig gaan we straks ook een maatschappelijkheids-app krijgen, waarmee bij iedere burger wordt gemeten welke maatschappelijke bijdrage hij of zij levert. Tot slot verwacht ik nog een gelukkigheids-apparaat die ons wijs maakt dat wij geen slaven zijn van de nieuwe digitale machthebbers.

Tot zo ver mijn science fiction voor vandaag.

Geplaatst in ICT, privacy, e-commerce | Tags: , | Een reactie plaatsen