De veiligheid van juridische dienstverlening via het internet

Natuurlijk is het een goed idee als juridische dienstverleners, daar waar mogelijk en (financieel) haalbaar, gebruik maken van het internet voor hun dienstverlening. Het is dan wel belangrijk dat de vertrouwelijke gegevens van de cliënten van die dienstverleners goed worden beveiligd.
Vandaag las ik een bericht van een notaris, die als service aanbiedt dat particulieren via een website een akte kunnen voorbereiden. Uit nieuwsgierigheid ben ik naar de site gegaan en zie dan dat het een niet geëncrypte pagina is, het is geen https-pagina. Als ik vervolgens naar de pagina informatie kijk, krijg ik de melding:

Owner: This website does not supply ownership information.
Verified by: Not specified

Verder geeft mijn browser de navolgende waarschuwing:

Connection Not Encrypted
Information sent over the Internet without encryption can be seen by other people while it is in transit.

Over digitale veiligheid is op de website van deze notaris in het geheel niets te vinden. Op zijn minst hoort op de site informatie thuis over de wijze waarop de beveiliging is geregeld. Ik vrees dat hier een nieuwe DigiNotar in aantocht is.

Overigens is deze notaris niet uniek. Onlangs kreeg ik van mijn eigen bank een e-mail waarin mijn complete persoonsgegevens waren opgenomen, inclusief geboortedatum. Uiteraard moet het kalf eerst verdrinken voordat de put wordt gedempt.

Geplaatst in Dienstverlening, juridisch financieel e.d. (advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.), ICT, privacy, e-commerce | Tags: | 2 reacties

Civielrechtelijke aspecten van de keuze voor een stichting of vereniging

In het verleden heb ik al eens meegewerkt aan een door Sdu uitgegeven boekje “Stichting en vereniging”. Inmiddels is daarvan een tweede druk uitgebracht, onder redactie van Bert Laman, Mark Lucas Luijckx en Bianca de Kroon van Mazars.
Ik heb het eerste hoofdstuk voor mijn rekening genomen, dat de civielrechtelijke aspecten van de keuze voor een stichting of vereniging als onderwerp heeft.

Onderwerpen uit dat hoofdstuk zijn onder meer:

  • De stichting en vereniging met een onderneming en de coöperatie en bv als alternatieven.
  • De juridische relatie tussen de bestuurder en zijn stichting/vereniging.
  • Bestuurdersaansprakelijkheid.
  • Samenwerkingsvormen.
  • Ontbinding en vereffening.

Het ISBN nummer van het boekje is 978-90-12-38494-0.

Geplaatst in Stichting en vereniging | Een reactie plaatsen

Overzicht van artikelen op het weblog modernisering van het ondernemingsrecht

Vanwege mijn activiteiten op het weblog modernisering van het ondernemingsrecht (het “flex-bv weblog”), kom ik er niet zo aan toe artikelen over andere onderwerpen te schrijven. Onderstaand een overzicht van de laatste publicaties op het flex-bv weblog.
Wil je meteen per e-mail op de hoogte worden gesteld van nieuwe berichten, neem dan via http://flexbv.wordpress.com/ een e-mail abonnement, zie rechtsboven onder “E-mail aanmelding”.

Overzicht:

Geplaatst in Bestuur en toezicht bij rechtspersonen, Flexibilisering van het bv-recht, Rechtspersonenrecht | Tags: | Een reactie plaatsen

Nederlands kabinet wil de initiatieven van de Europese Commissie op het gebied van witwasbestrijding en bestrijding terrorismefinanciering niet afwachten en heeft Wwft-wetsvoorstel ingediend

Het kabinet wil de initiatieven van de Europese Commissie op het gebied van witwasbestrijding en bestrijding terrorismefinanciering niet afwachten en heeft in het kader van het 3e pakket aan wetten voor de financiële sector inmiddels een wetsvoorstel tot wijziging van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) bij de Tweede Kamer ingediend. Onderstaand een overzicht:

De Europese Commissie heeft dit jaar aangekondigd dat zij met een nieuwe Witwasbestrijdingsrichtlijn zullen komen. De Nederlandse overheid wil daar echter vreemd genoeg niet op wachten en wil graag het beste jongetje van de FATF-klas zijn, terwijl het er op lijkt dat de Europese Commissie er geen gras over laat groeien. Jonathan Goldsmith schrijft in de Law Society Gazette op 16 april jl.:

In the calm of the Easter break, the European commission has published an important report on anti-money laundering, which could eventually have a significant impact on solicitors’ duties. (When reviewing the topics I have written about in these blogs over nearly three years, money laundering is probably the most frequently covered – but that is hardly surprising given that it is European legislation which binds solicitors with such profound effect.)

Belangstellenden kunnen meer informatie vinden in het artikel.

De ontwikkelingen rondom dit type wetgeving baart mij grote zorgen, het is regelgeving dat veel bureaucratie oplevert en voor zover ik kan nagaan weinig effectief is.

 

Geplaatst in Fraude, witwasbestrijding, Wwft | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

FIU-Nederland brengt flyer uit over artikel 17 Wwft (inlichtingenbevoegdheid FIU-Nederland)

FIU-Nederland heeft een informatieblad met betrekking tot de artikel 17 Wwft uitgebracht. Op grond van dit artikel mag FIU-Nederland inlichtingen vragen bij melders van ongebruikelijke transacties.

Geplaatst in Fraude, witwasbestrijding, Wwft | Tags: , | Een reactie plaatsen

De gevaren van “profilering”, naar aanleiding van het jaarverslag van het College Bescherming Persoonsgegevens

In de huidige elektronische maatschappij is profilering veel gemakkelijker geworden. Zowel bedrijven als overheden verzamelen via digitale weg allerlei gegevens over personen en combineren die gegevens via digitale weg. Dat gebeurt zowel met commerciële motieven (voorbeelden daarvan zijn Facebook en Google)  als op grond van wet- en regelgeving.

De wetgever heeft zelf allerlei profileringsregelgeving ingevoerd, de Wet controle op rechtspersonen is daar een voorbeeld van. Voorts verwacht de wetgever van bedrijven ook profileringsactiviteiten, zoals in de Wet op het financieel toezicht (Wft) en Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). Op grond van die wetten moeten ondernemers hun cliënten risicogeoriënteerd onderzoeken en monitoren (“ken-uw-klant”, know your customer). Bij grote instellingen, zoals banken en verzekeringsmaatschappijen betekent dit dat er aan profilering wordt gedaan.

In het jaarverslag 2011 waarschuwt het College Bescherming Persoonsgegevens tegen profilering. Het College schrijft in de samenvatting op deze internetpagina:

Kohnstamm kondigde daarbij aan dat de privacytoezichthouder zich in 2012 zal richten op de ondoorzichtigheid van de verwerking van persoonsgegevens ten behoeve van profilering. Burgers moeten meer inzicht hebben in het gebruik van profielen door bedrijven en overheden stelt de CBP-voorzitter. “Profilering is voor burgers een bijna onzichtbaar proces, terwijl het grote gevolgen kan hebben voor de wijze waarop zij maatschappelijk worden beoordeeld of behandeld”, aldus Kohnstamm. Hij wijst er ook op dat door het gebruik van profielen individuele keuzemogelijkheden worden beperkt zonder dat mensen dit weten. “Bedrijven en overheden die profilering toepassen moeten transparanter zijn over welke gegevens zij over wie, waarom en waar beschikken. Falen zij daarin, dan moet de toezichthouder ferm kunnen optreden”.

(…) In 2012 heeft het CBP als belangrijkste speerpunten profilering, beveiliging van persoonsgegevens ter voorkoming van datalekken en adequate bescherming van medische gegevens.

Op pagina 5 van het jaarverslag schrijft het College:

Wanneer macht in combinatie met het gebruik van persoonsgegevens leidt tot ongecontroleerde en ongerechtvaardigde beïnvloeding van de vrije ontwikkeling van mensen, moeten privacytoezichthouders wereldwijd op hun hoede zijn en waar nodig en mogelijk ingrijpen. De haast grenzeloze mogelijkheden die de techniek inmiddels biedt om een individu te onderscheiden van anderen, vragen in dat verband de volle aandacht. Profilering door gebruik te maken van de enorme hoeveelheid gegevens die dankzij ict en internet beschikbaar zijn in combinatie met het gebruik van de nieuwste rekenmethoden (algoritmen) kan zowel in de private als in de publieke sector zegenrijk zijn. Bedrijven kunnen er voor zorgen dat consumenten alleen nog de voor hen interessante reclame en aanbiedingen ontvangen; geen spam, maar maatwerk.
In de publieke sector is het denkbaar dat de overheid dankzij deze techniek op basis van een doordacht risicoprofiel gericht en vroegtijdig in contact zal kunnen komen met personen die grote kans lopen om in maatschappelijk opzicht te ontsporen. De effectiviteit van deze vormen van profilering en de kans op onjuiste gevolgtrekkingen manen vooralsnog tot enige voorzichtigheid; het is aan de wetenschap, techniek en praktijk om aan deze onzekerheden een einde te maken.
Profilering heeft echter ook een maatschappelijk onwenselijke keerzijde. Mensen worden op een bepaalde wijze beoordeeld of behandeld aan de hand van profielen. Aan die profielen kunnen automatisch beslissingen worden gekoppeld, zoals het uitsluiten van een dienst of het aanscherpen van controles. Ook is profilering voor burgers een even onzichtbaar als ondoorgrondelijk proces. Bovendien kan op grond van het zoekgedrag op internet en op grond van de informatie die valt af te leiden uit bezochte websites, een profiel gemaakt worden van een burger of consument die daardoor ongemerkt en ongewild alleen als het ware ’gecensureerde’ informatie krijgt voorgeschoteld. Andere relevante informatie en keuzemogelijkheden wordt hem onthouden (de filter bubble). Profilering kan zodoende leiden tot stigmatisering en discriminatie en tot een samenleving waarin het maken van vrije keuzes illusoir wordt.
Om de positieve kanten van profilering optimaal te benutten en de negatieve kanten daarvan effectief te bestrijden, is versterking van de positie van de burger en daartoe versterking van een aantal principes dat aan bescherming van persoonsgegevens ten grondslag ligt, meer dan ooit geboden. Deze betreffen in het bijzonder de beginselen van doelbinding, dataminimalisatie, uitdrukkelijke toestemming als grondslag voor verwerking van persoonsgegevens, beveiliging, transparantie en effectieve handhaving.
Daarnaast moeten bedrijven en instellingen worden gestimuleerd om al met die beginselen rekening te houden bij het ontwikkelen van producten en diensten waarbij persoonsgegevens worden gebruikt en om transparant te zijn over welke gegevens zij over wie, waarom en waar beschikken.

Ik denk dat de wettelijk gebaseerde profileringsactiviteiten, zoals de activiteiten door Wft- en Wwft-plichtigen in het kader van de witwas- en terrorismebestrijding plaats vinden, dezelfde soort gevaren met zich meebrengen als nu door het CBP worden gesignaleerd.

Het zal me benieuwen wat er de komende jaren op het gebied van dataverzameling, profilering en privacy zal gaan plaats vinden. Er zijn nu al enorme dataverzamelingen aanwezig en sluipenderwijs zijn er al enorm veel persoonsgegevens op allerlei plaatsen opgeslagen. Het kan haast niet anders, dan dat er “ongevallen’ gaan gebeuren.

Geplaatst in Financieel toezichtsrecht, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , | Een reactie plaatsen

Nieuw bv-recht vergt actie vóór 1 juli!

Het kabinet streeft naar invoering van de wetsvoorstellen inzake de flexibilisering van het bv-recht en bestuur & toezicht per 1 juli 2012. Deze wetsvoorstellen zullen het Nederlandse recht inzake besloten vennootschappen (bv’s) ingrijpend veranderen. Die veranderingen hebben niet alleen gevolgen voor nieuwe vennootschappen. Ook bestaande vennootschappen krijgen met wijzigingen te maken, doordat de regelgeving in het algemeen onmiddellijk in werking treedt en statutaire bepalingen die in strijd met de wet zijn ongeldig worden.

Actie vóór datum inwerkingtreding? (Verwacht: 1 juli 2012)

Er kunnen redenen zijn om vóór de datum van inwerkingtreding tot actie over te gaan. Een reden kan zijn dat het gewenst is om bepaalde handelingen te verrichten voor het nieuwe bv-recht in werking treedt, zoals het vaststellen van een jaarrekening en uitkeren van dividend. Verder biedt het nieuwe recht ook bepaalde mogelijkheden om fouten uit het verleden te repareren. Die mogelijkheden kunnen soms alleen worden benut als er statutenwijziging vóór inwerkingtreding plaats vindt.

De veranderingen zijn in de navolgende rubrieken in te delen:

  • Onmiddellijk werkende bepalingen die risico opleveren bij bestaande bv’s.
  • Blokkering van nieuwe faciliteiten door bepalingen in statuten gebaseerd op huidig recht.
  • Nieuwe faciliteiten die statutenwijziging vereisen.
  • Nieuwe aandachtspunten bij statutenwijziging en oprichting van nieuwe bv’s.

Onmiddellijk werkende bepalingen die risico opleveren bij bestaande bv’s

Ook zonder statutenwijziging treden een aantal nieuwe regels die risico opleveren onmiddellijk in werking, de belangrijkste zijn:

  • Er gelden nieuwe formaliteiten voor de uitkering van dividend en agio. Niet-naleving leidt tot ongeldige handelingen en onder omstandigheden tot aansprakelijkheid van directie en aandeelhouder. De nieuwe regels gelden ook voor boek­jaren die zijn geëindigd voor inwerkingtreding, voor zover over die boekjaren besluiten worden genomen ná inwerkingtreding van het nieuwe bv-recht.
  • Als een bestuurder een tegenstrijdig belang heeft met de door hem bestuurde bv zijn nieuwe regels van toepassing op de besluitvorming.
  • De regelgeving inzake certificaten van aandelen wijzigt ingrijpend. Om rechtsonzekerheid te voorkomen zijn maatregelen nodig, meestal omvat dat ook statuten­wijziging van de bv.

Blokkering van nieuwe faciliteiten door bepalingen in statuten gebaseerd op huidig recht

De navolgende nieuwe mogelijkheden kunnen worden geblokkeerd door de statuten van een bestaande bv waarin wordt verwezen naar huidig recht:

  • Verruiming mogelijkheden om uitkeringen (onder andere dividend) te doen.
  • Vereenvoudiging regels terugbetaling van gestort kapitaal, kapitaalvermindering en inkoop.
  • Vervallen van formaliteiten inzake transacties met oprichters en aandeelhouders binnen twee jaar na oprichting (“Nachgründung”).
  • Vervallen van de eisen inzake steunverlening door de bv in het kader van de verkrijgen van de aandelen (“artikel 207c”).

Nieuwe faciliteiten die statutenwijziging vereisen

Een aantal faciliteiten van het nieuwe recht worden alleen geboden als de statuten van de bv in overeenstemming zijn met het nieuwe recht. Voorbeelden daarvan zijn de nieuwe aandelensoorten (stemrechtloos, winstrechtloos), de bevoegdheid van bepaalde aandeelhouders om een bestuurder te noemen en aanpassing van de blokkeringsregeling.

Nieuwe aandachtspunten bij statutenwijziging en oprichting van nieuwe bv’s

Het nieuwe bv-recht stelt straks minder eisen aan de inhoud van statuten van de bv’s. Dat kan tot gevolg hebben dat belangrijke bepalingen in de statuten die de positie van een investeerder, minderheidsaandeelhouder of statutair directeur waarborgen ontbreken.

CHECK OP BESTAANDE STATUTEN DOOR PELLICAAN ADVOCATEN

De gespecialiseerde advocaten van Pellicaan Advocaten verrichten op verzoek van ondernemers en adviseurs een onafhankelijke check van de bestaande statuten van besloten vennootschappen. Aangegeven wordt of statutenwijziging vóór 1 juli 2012 gewenst is en welke onderwerpen aandacht behoeven.

Contactpersonen check statuten bv:

  • Amsterdam: Eric de Waart, telefoon 088 627 22 20
  • Rotterdam: Xander Alders, telefoon 088 627 22 87
  • Utrecht: Ellen Vandeberg, telefoon 088 627 22 60
Geplaatst in Bestuur en toezicht bij rechtspersonen, Rechtspersonenrecht | Een reactie plaatsen

Laatste nieuws over modernisering van het Nederlandse ondernemingsrecht

De laatste berichten die ik op het weblog over de modernisering van het ondernemingsrecht heb geplaatst, zijn:

Geplaatst in Bestuur en toezicht bij rechtspersonen, Flexibilisering van het bv-recht, Jaarverslaggeving, Modernisering ondernemingsrecht, Rechtspersonenrecht, Stichting en vereniging | Tags: | Een reactie plaatsen

Artikel naar aanleiding van tuchtrechtelijke uitspraak, die als strekking heeft dat een accountant moet toezien op naleving door zijn cliënt van de verplichting tot vaststelling en deponering van de jaarrekening

Onlangs verscheen een tuchtrechtelijke uitspraak over een accountant, waarin de tuchtrechter beslist dat het aan de accountant toe te rekenen zou zijn dat een cliënt jaarrekeningen niet heeft vastgesteld en gedeponeerd bij het handelsregister. Dit lijkt mij een bijzondere uitspraak, omdat het de verantwoordelijkheid van de directie en de algemene vergadering van een vennootschap is om voor vaststelling en tijdige deponering te zorgen. Naar aanleiding van deze uitspraak heeft Anton Dieleman een artikel voor AccountancyNieuws geschreven geschreven. In dat artikel zegt hij terecht dat de accountant, gelet op de betrokkenheid bij de jaarrekening, er goed aan doet de cliënt schriftelijk op zijn verplichtingen te wijzen, maar dat het te ver gaat dat de accountant actief zou moeten toezien op naleving door de cliënt van zijn verplichtingen.

Geplaatst in Dienstverlening, juridisch financieel e.d. (advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.), Jaarverslaggeving | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Is een Europees wetboek van contractenrecht een goed idee? Artikel over het voorstel voor “Common European Sales Law” van de Europese Commissie

De Europese Commissie maakte op 11 oktober 2011 bekend dat het plan is verder te werken aan een Gemeenschappelijk Europees Kooprecht, dat door contractspartijen zal kunnen worden gekozen in plaats van één van de rechtsstelsels van de EU. Zie voor meer informatie de introductie op de pagina van de Europese Commissie. Over dit onderwerp schreef ik al eerder een bericht.

Mr. H.N. Schelhaas schrijft in een artikel “Euroscepsis en een Europees BW“, dat deze maand in NTBR is verschenen, dat hij niet veel ziet in de Europese plannen.

Geplaatst in Contractenrecht, Internationale handel | Tags: | Een reactie plaatsen